Jan Dibbets (1941)
Voor Jan Dibbets geldt dat de uitvoering van een kunstwerk belangrijker is dan het idee. Dibbets: "Een idee kun je op miljoenen manieren uitwerken, maar een kunstwerk krijgt pas zijn lading door de persoonlijke manier waarop dat wordt gedaan."* Deze opvatting onderscheidt Dibbets van andere conceptualisten, waartoe hij vaak gerekend wordt.
Aanvankelijk begint Dibbets zijn loopbaan als schilder, maar na 1967 gaat hij werken in uiteenlopende disciplines, met de fotografie als ankerpunt. Toch ziet hij de wereld niet als fotograaf, maar met het oog van de schilder. Waarnemen, observeren en manipuleren van het geziene kan Dibbets als geen ander. Al vanaf zijn vroegste werken speelt hij in zijn foto's met de regels van het perspectief die traditiegetrouw in de schilderkunst worden toegepast. Steeds opnieuw is hij geboeid door de optische illusie van ruimte op het platte vlak. In zijn oeuvre zijn een aantal terugkerende aspecten te vinden: zijn perspectiefcorrecties en de vensters. Dibbets combineert in deze werken vaak een gefotografeerde ruimte met een perspectische ingreep. Zijn ingenieuze spel met licht, kleur en het platte vlak zette zijn oeuvre internationaal op de kaart.
* A. de Visser, De tweede helft, Nijmegen 1998, p. 213