Top of this document
Go directly to page content

Hellen van Meene (1972)

“Mijn foto’s zijn niet bedoeld als portretten. Daarom geef ik ze ook geen titels." Het is Hellen van Meene om iets anders te doen als ze meisjes fotografeert die zweven tussen kindertijd en volwassenheid. Hun ongemak en gevoeligheid toont Van Meene zonder enige terughoudendheid. Van Meene: “Als ik zo’n jong meisje zie, dan zie ik ook wat ze eens is geweest. Zij hebben nog een bepaalde openheid in hun houding; zij hebben nog niet echt een richting gekozen, zijn nog steeds speels en erg toegankelijk.”*

Van Meene kijkt met het oog van een schilder naar haar modellen en stuurt daarin als een regisseur. “Ik ben vooral bezig met hoe het licht valt op een bleke huid, blauwe plekken op een arm, beginnend kippenvel in de kou. Daarnaast besteed ik veel tijd aan de mise-en-scène. De kleding moet bijvoorbeeld kloppen, de kleuren, de blik en het postuur van de meisjes moet in overeenstemming zijn met het beeld dat ik voor ogen heb. Dat gaat heel ver; tot en met de nagellak aan toe.” Binnen deze grenzen creëert Van Meene samen met haar modellen een sfeer waarin de beelden ontstaan. Juist de combinatie van ‘script’ en improvisatie maakt dat Van Meenes foto’s iets magisch en tijdloos hebben.



* alle citaten: K. Schampers, Hellen van Meene: Japan Series, Edinburgh / Haarlem / Chicago 2002