Top of this document
Go directly to page content

Arjan van Helmond (1971)

De nachtelijke aanblik van een huis, een roerloze woonkamer of het verlaten interieur van een kantine. Het zijn onderwerpen voor de schilderingen op papier met gouache of acrylverf van Arjan van Helmond. Met een ingetogen kleurenpalet verbeeldt hij binnen- en buitenruimtes op een manier die doet denken aan Edward Hopper. Eenzelfde verstilling en tijdloosheid brengt hij voor het voetlicht, maar zonder menselijke hoofdfiguren. Die rol bedeelt Van Helmond toe aan dingen: aan een scheur in de vloer, meubels of aan een geblokt tafelkleed. 

Van Helmond: “In eerste instantie waren het meer portretten van huizen, waaraan ik van buitenaf een soort menselijke eigenschappen wilde toedichten. In mijn recente werk gaat het meer over de blik en de emotie die daaraan verbonden kan zijn. (…) De tijd kun je niet vasthouden, maar de plek waar iets heeft plaatsgevonden herinner je je wel altijd heel levendig, tot in de kleinste details.”* Schilders waarmee Van Helmond zich verwant voelt zijn van alle tijden: Paolo Uccello (1397-1475), Philip Guston (1913-1980), maar ook een tijdgenoot als Sara van der Heide (1977). Het werken op papier geeft Van Helmond de gelegenheid om te variëren in grootte: hij scheurt of plakt zijn schilderingen op het juiste formaat terwijl de voorstelling ontstaat.



* I. Commandeur, ‘Arjan van Helmond - interview’, Metropolis M, 12.02.2007