David Jablonowski (1982)
Beelden met een schilderachtige kwaliteit of schilderijen die middenin de ruimte staan. David Jablonowski bouwt zijn sculpturen met de ogen van een schilder. Hij benadert de eigentijdse beeldhouwkunst vanuit het besef dat vooral tweedimensionale, vluchtige beelden de wereld tegenwoordig domineren. Toch is er niet zoveel veranderd. Billboards en reclamedisplays brengt hij in nauw verband met de oerfunctie van sculptuur. Met rituelen, geloof en herinnering. Het collectieve geheugen van kunstwerken en gecommuniceerd gedachtegoed vormen een onuitputtelijke inspiratiebron. Zo citeerde Jablonowski letterlijk pagina’s uit een Middeleeuwse codex en verwerkte hij plantendetails uit het werk van de 16de- eeuwse meester Albrecht Dürer. Ideeën van de 19de-eeuwse filosoof Henri Bergson en kunsthistoricus Wilhelm Worringer prikkelen zijn fascinaties. Kan een kunstwerk geschiedenis communiceren?
De van origine Duitse kunstenaar Jablonowski slecht de afstanden tussen gedachtevorming, het beeldscheppen, het beeld dat daaruit ontstaat en de manier waarop dat beleefd wordt. Door maker én toeschouwer. Jablonowski: ‘Ik wil de concentratie van schilderijen ruimtelijk maken.’* Ruimtelijkheid werkt sturend in dit proces. Door zijn werken steeds in krappe ruimten te presenteren, creëert Jablonowski monumentaliteit en een onontkoombare situatie.
* K. Keijer, ‘David Jablonowski’, Het Parool, 28.06.2007