Top of this document
Go directly to page content

Folkert de Jong (1972)

Tableaus vol droevige harlekijns, heersers of soldaten. Gehuld in onschuldige tinten babyblauw, roze en pistachegroen, hun grimassen spreken boekdelen. Folkert de Jong brengt zijn fascinatie voor de menselijke conditie expliciet en zonder dralen. Zijn sculpturen verbeelden rampspoed, hebzucht of onheil en verwijzen vaak linea recta naar de (kunst)geschiedenis. Naar beelden van Constantin Brancusi, de doeken van Picasso, de weeïg witte sculpturen van Robert Gober of het danseresje van Edgar Degas.

De mensfiguren van De Jong ogen realistisch, maar zijn gemaakt van geschuimde kunststoffen. Tot voor kort waren deze materialen voorbehouden aan architecten, aannemers en decorbouwers in de Hollywood filmindustrie. Als eigentijds beeldenmaker koos De Jong bewust voor lichtgewicht polystyreen, purschuim en later ook voor het vloeibare bouwschuim styrofoam. Materialen afkomstig uit de Amerikaanse petrochemische industrie, oorspronkelijk ontwikkeld voor oorlogstoepassingen, pas sinds de jaren vijftig breed vermarkt tot bouwmateriaal en nog nauwelijks toegepast in de beeldhouwkunst. Binnen deze ‘grondstoffen’ liggen verschillende betekenislagen besloten waartegen De Jong zich afzet en waarop hij voortbouwt.

Fascinatie
Voor De Jong is een groteske benadering van ethische dilemma’s het enige wat werkt. Buitensporig groot, bizar en vervreemdend moeten beelden zijn wil het ons nog kunnen raken. Dat fascineert hem ook in het werk van een tijdgenoot en inspirator als Paul McCarthy. In die zin zijn de beelden van Folkert de Jong hyperrealistisch. Niet gladgestreken tot in de futielste details, maar raak in hun zeggingskracht.

Zijn zoektocht naar materiaal en vorm startte De Jong op de Rijksakademie (1998-1999). Via het vocabulaire van horrorfilms en het uitvoeren van performances kwam hij uit bij het maken van beelden. Een klassieke discipline, maar veroverd met ongebruikelijke materialen, een gevoel voor de tijdgeest en het scheppen van illusies. Kunstenaars als Albrecht Dürer en Hans Holbein beheersten die kunst al – het fascineerde De Jong tijdens het vinden van zijn eigen toon. Of iemand als frescoschilder Luca Signorelli (1445-1523), die als meester van de anatomie wist met welke details hij een gemoed of situatie raak kon typeren – iets waar ook De Jong oog voor heeft. Zijn oeuvre omspant intussen een decennium en meerdere malen bekroond, onder andere met de Prix de Rome Sculptuur, de Den Haag Sculptuur Award en de Charlotte Köhler prijs.
 
Voor de Rabo Kunstcollectie zijn twee werken verworven die Folkert de Jong maakte in 2009. Circle of Trust (Mother and Son) is een levensgroot beeld van een moeder met kind op de arm. Een hedendaagse Pietà die in de kunstgeschiedenis talloze voorgangers kent. Heritage toont een grijsaard en een jongen. Ze mijmeren zij aan zij, alsof ze een stil verbond hebben gesloten. Beide werken ademen een sfeer van intimiteit. Ze lijken een nieuw hoofdstuk te markeren in het oeuvre van Folkert de Jong, waarin strijd plaatsmaakt voor toenadering en dialoog.